Hier kun je het artikel downloaden en kun je het eventueel printen 

door Chris Kersten

 The purpose of meditation is to awaken in us the skylike nature of mind, and to introduce us to that which we really are, our unchanging pure awareness. In the stillness and silence of meditation, we glimpse and return to that deep inner nature that we so long ago lost sight of amid the busyness and distraction of our minds.

Sogyal Rinpoche

Meditatie als vorm van Zelfbegeleiding

Meditatie is in de eerste plaats een mogelijkheid om bij jezelf stil te staan. Meditatie is bedoeld om jezelf gezelschap te houden en daardoor jezelf beter te leren kennen en om daardoor meer bevriend te raken met jezelf. Jezelf met alles er op en er aan is immers het eerste wat je ontmoet, zo gauw je je een beetje terugtrekt uit de wereld en, al dan niet met je ogen dicht, op een rustige plek gaat zitten en een tijdje je aandacht richt op wat er zich in het moment voordoet. Iets doen als dat noemen we meditatie.

 Meditatie is dus vooral niet-doen. Stoppen met handelen, je zoveel mogelijk open stellen en kijken, gewaar-zijn. Het is heel bewust “zijn”, observeren hoe dat “zijn” zich manifesteert en dat “zijn” vooral laten zijn. Niks doen, ook al gebeurt er van alles. In die zin is meditatie voor veel mensen ook een vorm van afkicken van de actie, zo handelingsgericht zijn we immers normaalgesproken. Als het lukt om los te laten en af te zien van bemoeienis wordt het stil van binnen, wat een bijzonder aangename ervaring is.

 In het dagelijks leven gaan we gemakkelijk voorbij aan onze ervaringen. We zijn zo gericht op de buitenwereld en worden hierdoor zo in beslag genomen dat we vergeten wat er in onszelf omgaat en wat voor effect die buitenwereld eigenlijk op ons heeft. We zijn zo druk met wat we denken dat uiteindelijk goed is voor onszelf, dat we ons “zelf” zoals dat zich in het hier en nu voordoet, vergeten.

Dat “zelf” is echter net een mens en kan zichzelf daardoor in de steek gelaten voelen en wel door onszelf. Dat “zelf” kan wonderlijk genoeg hunkeren naar onze bloedeigen aandacht, wat we vooral ontdekken wanneer we door meditatie een keer het geluk hebben samen te vallen en een te worden met onszelf. Dan voelen we, naast blijdschap dat we onszelf gevonden hebben, tegelijkertijd hoe we onszelf gemist hebben.

 Dat “zelf” wil ook heel graag geholpen worden bij de verwerking van alles wat er op hem of haar af komt in het leven van alle dag. Jezelf daarbij helpen door vooral op een vriendelijke manier bij jezelf aanwezig te zijn, noemen we zelfbegeleiding.

 Zelfbegeleiding gaat iets verder dan meditatie. Zelfbegeleiding gaat over de hele manier waarop je met jezelf om gaat. Die manier van omgaan met jezelf kan, zwart wit gezegd, constructief of destructief kan zijn en dat vaak zonder dat we dat in de gaten hebben. Meditatie helpt om zicht te krijgen op de tot dan toe onbewuste manier waarop je jezelf begeleidt, onder druk zet, stimuleert, opjaagt, soms minacht, troost, enz. Deze onbewuste, vanzelfsprekende manier van omgaan met jezelf is vaak een kopie van de manier waarop je ouders met jou als kind of jongere zijn omgegaan en je begeleid of misschien een beetje verwaarloosd hebben.

 Meditatie helpt dus om zicht te krijgen op je omgangsstijl met jezelf en kan daardoor helpen deze tijdens, maar vooral ook na de meditatie, op een hoger plan te brengen. Wat je door de meditatie gaat ontdekken is dat je best goed gezelschap kunt leren zijn voor jezelf en als zodanig ook gewaardeerd kunt gaan worden. Je leert door meditatie al doende een gastheer/gastvrouw voor jezelf te worden door wie je je als gast, in de vorm van jouw gevoelens en ervaringen, zeer gastvrij ontvangen kunt voelen en bij wie je je ook echt thuis kunt voelen. Wanneer die twee, de gastheer/gastvrouw en de gast, die je allebei zelf bent, het helemaal met elkaar naar de zin hebben, beleef je een bijzonder moment in de meditatie en wie weet ook in de postmeditatie, ofwel in het dagelijks leven.

 Probeer daarom als gastheer/gastvrouw om jezelf als gast zo veel mogelijk positief en compassievol tegemoet te treden, zelfs wanneer die gast zich nogal anders gedraagt als jij zou willen. Die gast kan tijdens de meditatie bijvoorbeeld behoorlijk onrustig zijn, verdrietig, boos, jaloers zijn, vast zitten in bepaalde gedachten, enz. Je kunt tijdens de meditatie in je vriendelijkheid voor jezelf flink uitgedaagd worden. Realiseer je dat die investering aan vriendelijkheid die van je gevraagd wordt, een investering is in jouzelf en jou zonder meer op de langere termijn ten goede komt. Het is de enige manier om van “innerlijke strijd” naar “innerlijke vrede”, voorwaarde voor je persoonlijke geluk te komen

Realiseer je bijvoorbeeld dat je het tot je laatste snik met jezelf zult moeten doen en al de nog komende tijd met jezelf, met al die gevoelens en ervaringen, als het ware in één huis woont. Trek dus de conclusie dat je maar beter vrienden kunt zijn met jezelf en je beter kunt richten op de verbetering van de innerlijke relatie dan op strijd met jezelf. Dat is de basis voor constructieve zelfbegeleiding in en buiten de meditatie.

 Meditatie helpt je daarbij. Alleen al doordat je je als het ware af en toe opsluit met jezelf, niet handelt en jezelf niet allerlei afleiding aanbiedt, moet je het noodgedwongen puur met jezelf doen. Wie weet kun je hierdoor op een gegeven moment minstens voor een tijdje helemaal genoeg hebben aan je eigen gezelschap en innerlijke vrede en geluk ervaren. Voordeel van deze aanpak is dat je verantwoordelijkheid neemt voor jezelf, waar dat “zelf” sowieso blij van wordt. Je wordt daardoor minder afhankelijk van anderen voor je aandacht, waardering en je gevoel van eigenwaarde en zult minder een dwingend beroep hoeven doen op anderen. Dat geeft heel veel rust aan jezelf en aan de anderen uit je omgeving.

 Meditatie kan je dus helpen op een constructieve manier met jezelf om te gaan en daarin kun je behoorlijk spectaculair groeien qua inzicht en vaardigheid. Al doende ontwikkel je daarmee het vermogen om jezelf op een positieve manier te begeleiden. Je kunt jezelf wonderlijk genoeg leren die begeleiding te bieden die je tot nu toe nog onbekend was omdat je die niet eerder van iemand had gekregen.

Leer je op een goede manier om te gaan met jezelf dan gaat dat ook steeds beter lukken met anderen. Je blijkt tot je verrassing voor jezelf de grootste uitdaging te zijn. Anderen blijken jou vooral innerlijke uitdagingen te bieden. Het enige wat anderen immers doen is in jou een innerlijk effect oproepen, soms een prettig, soms een lastig effect. Als je kunt leren jezelf te begeleiden in die effecten ben je steeds minder afhankelijk van het toevallige gedrag van anderen.

 Meditatie stelt je in staat de edelsmid te zijn van het sieraad, dat je ook zelf bent. Al doende verfijn je je smidsinstrumenten, zoals de kwaliteit van je aandacht en je zelfinzicht, waardoor het sieraad dat je bent steeds beter, subtieler bewerkt en behandeld wordt. Het juweel dat je eigenlijk bent, wordt daardoor steeds mooier en gaat stralen. Jij herstelt dat sieraad in zijn fundamentele, inherente glorie om daarmee jezelf en de wereld tot bloei te brengen. Verbeter je de kwaliteit van aandacht voor jezelf dan zal daarmee ook de kwaliteit van aandacht voor anderen verbeteren.

Belangrijk is dat daarmee de gerichtheid op jezelf tegelijkertijd een altruïstisch karakter heeft. Gelukkig sluit het één, het ander niet uit.

 Zoals bij iedere vaardigheid die je wilt ontwikkelen, is het ook bij meditatie belangrijk dat je steeds weer beginner wilt zijn. De grote kunst is onafhankelijk te zijn van een oordeel over resultaten. Standvastigheid en geduld zijn belangrijke aspecten van de constructieve houding die je naar jezelf toe kunt ontwikkelen. Als je jezelf meteen de eis van perfectie stelt, kun je alleen maar teleurgesteld en gefrustreerd worden. In de zelfbegeleiding is het belangrijk iets van jezelf te vragen, maar evenzeer jezelf vooral niet te overvragen. In dit geval gaat het ook meer om het doen zelf dan om de resultaten. De kunst is zo min mogelijk afhankelijk te zijn van de resultaten die je boekt en toch gemotiveerd zijn je instrument steeds verder te willen verfijnen.

  

Meditatie als training van een constructieve houding

 De manier waarop je met jezelf om gaat, drukt zich uit in je houding of attitude ten opzichte van jezelf. De houding ten opzichte van jezelf, de manier waarop je bijvoorbeeld gewend bent al dan niet vriendelijk te zijn voor jezelf of een oordeel hebt over jezelf, heeft veel invloed op hoe je je voelt, bepaalt in hoge mate je gevoel van welzijn.

Het effect van de houding naar jezelf toe op jezelf is min of meer vergelijkbaar met het effect van de houding die een andere persoon naar jou toe aan de dag legt. Als je er over nadenkt, heeft ieder mens in je omgeving een gebruikelijke houding van bijvoorbeeld al dan niet veel respect of warmte naar jou toe en dat merk je en heeft invloed op je. De basishouding zoals je die van iemand kent, is daarbij vaak doorslaggevend ook voor het effect dat iemand in een actuele situatie op je heeft.

 Veel mensen leven in een chronische, soms levenslange, strijd met zichzelf, zonder dat zelf te beseffen. Als mens kun je buitengewoon teleurgesteld zijn in jezelf. Dat kan zijn naar aanleiding van een incident, maar kan ook chronisch, als gewoonte. We kunnen ons opgescheept voelen met onszelf, slachtoffer voelen van een slecht gelukt product, jezelf.

Een goede vraag aan jezelf is dan deze. “Als ik de macht had gehad mijzelf te construeren, wat voor “zelf” had ik dan bedacht, wat voor persoon had ik dan willen zijn.” Hoe meer je anders had willen zijn dan je bent, in die mate zul je ongelukkig zijn.  Het is overigens niet gemakkelijk om in deze helemaal eerlijk te zijn.

 Veel mensen zijn voor zichzelf hun meest intieme vijand. Daar wordt dat “zelf” niet blij van. Wie met zichzelf in vijandschap leeft, leeft al gauw in vijandschap met anderen. De houding naar jezelf straalt uit naar je houding naar anderen. Hoe intiemer die anderen zijn, hoe groter die kans.

Vandaar dat het belangrijk is zicht te krijgen op die innerlijke strijd en op je houding naar jezelf en deze zo mogelijk te beïnvloeden  en te transformeren. Dat is een belangrijk doel van meditatie. Meditatie helpt onze zelfdestructiviteit te herkennen en geleidelijk om te zetten naar een meer constructieve houding.

 Waar we het bij meditatie hebben over houding gaat het in de eerste plaats om de geesteshouding. Maar ook de lichaamshouding is belangrijk.

Je geesteshouding is tot op zekere hoogte uitdrukking van je lichaamshouding. Je geesteshouding is te beïnvloeden door je lichaamshouding en van dit gegeven maken we gebruik bij de meditatie. Daarom is je lichaamshouding bij meditatie, afgezien nog van de directe fysieke consequenties, belangrijk en gebruiken we de lichaamshouding om je geesteshouding te beïnvloeden.

 Tijdens zitmeditatie zitten we, niet voor niks, zoveel mogelijk fier rechtop op een stoel, bankje of meditatiekussen. Het hoofd is licht gebogen, waardoor de nek licht gestrekt wordt. De mond laten we een beetje open, zodat de adem vrij kan stromen. Iedere meditatietraditie kent verder nog gedetailleerde andere voorschriften, waar wij geen keuze in maken.

 De lichaamshouding weerspiegelt de twee belangrijkste kwaliteiten van de geesteshouding die we met meditatie proberen te ontwikkelen. Dat zijn kracht en vriendelijkheid. Beide zijn even belangrijk. Meditatie kun je zien als de beoefening en versterking van de houding van kracht en van vriendelijkheid naar jezelf toe en van de integratie van deze kwaliteiten.

 In de lichaamshouding toont zich kracht en waardigheid in de opgerichtheid en de manier waarop we ons hart, onze borst, niet beschermen, maar zonder overdrijving laten zien. In de lichaamshouding leggen we een soort van onverschrokkenheid aan de dag. Van uit het krachtsaspect zijn we krijgers van de meditatie.

De vriendelijkheid toont zich in de lichaamshouding doordat we niet overdrijven in kracht en ons niet fysiek overvragen. Hoewel we in beginsel stil zitten en rustig ademen, gunnen we ons te verzitten wanneer dat wenselijk is. We overstrekken de rug en ledematen niet. In de lichaamshouding komt de vriendelijkheid verder tot uitdrukking in de ontspannenheid en de rust in de houding. Ook in de lichte buiging van het hoofd.

Onze lichaamshouding is even stevig als zacht en soepel. De lichaamshouding is op deze manier een uitdrukking van onze geestelijke presentie.

 Ook met de manier waarop we onze handen houden tijdens de meditatie kunnen we onze geesteshouding beïnvloeden. In onze handgebaren kunnen we allerlei aspecten van onze geesteshouding tot uitdrukking brengen. Experimenteer en ontdek de energetische kracht van allerlei gebaren (mudra’s) tijdens de meditatie.

In het Oosten wordt met name in het hindoeïsme met de ogen dicht en in het boeddhisme met de ogen open gemediteerd. Voor beide is iets te zeggen. Met de ogen open is het gemakkelijker wakker en aanwezig te blijven, maar ben je eerder afgeleid. Met de ogen dicht is het gemakkelijker om bij jezelf te blijven en om te voelen wat er zich in je lichaam voordoet.

Met de ogen open ontwikkel je iets meer de kracht, met de ogen dicht iets meer de vriendelijkheid.

 De vriendelijkheid en evenzeer de kracht drukken zich ook uit in de tijd die we kiezen voor meditatie. De kracht drukt zich uit in de heldere afspraak die we daarover met onszelf maken. De vriendelijkheid drukt zich uit door een meditatieduur van onszelf te vragen die goed haalbaar is. Wat goed haalbaar is, doen we vervolgens ook. Zo ontwikkelen we standvastigheid en zelfleiderschap als belangrijke aspecten van zelfbegeleiding.

Begin als je aan het begin staat van het opbouwen van een meditatiepraktijk met korte sessies. Maak een meditatieplan zoals je ook een plan voor een sportieve activiteit zou maken. Bouw geleidelijk de meditatieduur uit. Zeven dagen in de week mediteren is gemakkelijker dan drie dagen in de week mediteren.

 De vriendelijkheid naar jezelf drukt zich ook uit in de omgeving die je kiest voor meditatie. Je kiest voor meditatie een omgeving waar je je zo prettig mogelijk en op je gemak voelt. Zorg dat je niet afgeleid wordt door telefoon of anderszins. Het is fijn als het stil is en als het stil is, richt je dan na enige tijd eventueel op de stilte als een ruimtelijk focus. Je zult dan vermoedelijk merken dat stilte je goed doet en met een beetje geluk ervaar je hoe het is stilte te zijn, stilte te herkennen als je wezen.

 Zorg dat je gemakkelijk kunt zitten. Hoe meer je contact met de grond kunt voelen hoe beter. Dat maakt de lotuszit of de kleermakerszit op een kussen ook aanbevelenswaardig, maar zeker niet noodzakelijk. Ze zijn zeker geen voorwaarde voor zinvolle meditatiebeoefening.

Als er geluiden zijn, vecht daar dan niet tegen. Laat de geluiden bestaan en observeer wat de geluiden met je doen. Zijn er prettige geluiden zoals die van vogels. Voel je dan vrij om dat vogelgeluid enige tijd als focus te kiezen voor je aandacht.

Je kunt op die manier ook soms meditatief naar mooie muziek luisteren. Dan neem je de muziek als focus en iedere keer als je afgeleid bent keer je weer terug naar de muziek.

 Sommige mensen fleuren de plek waar ze mediteren op met bloemen of inspirerende foto’s en dergelijke. Dat kan je helpen om de juiste inspirerende toon te pakken waarmee je mediteert. Zo’n aanpak van de meditatie kun je zien als een vorm van beoefening van vriendelijkheid voor jezelf, voor het bijzondere dat jij eigenlijk vertegenwoordigt.

 Vriendelijkheid vraagt zachtheid en een houding van mededogen naar alles wat er zich in je voordoet. Zonder vriendelijkheid verwordt kracht tot strengheid en hardheid. Het gaat er om begrip te hebben voor alles wat er zich voordoet en om een houding van betrokkenheid en geïnteresseerdheid aan de dag te leggen. Het gaat er om al doende jezelf in alles te willen ontmoeten, jezelf in alles te willen verdiepen op een manier waarop je dat ook bij een geliefde doet. Mooi is als je “zelf” af en toe mag meemaken eerder als geliefde dan als vijand dor jou te worden benaderd.

Het is mooi als je de neiging tot strengheid in jezelf herkent. Vriendelijkheid heeft de neiging tot onvriendelijkheid nodig om als vriendelijkheid te kunnen groeien, om geleidelijk het verschil daartussen te ervaren en te merken dat vriendelijke kracht het kan winnen van tendensen tot strengheid en hardvochtigheid.

 Bij de beoefening kun je je er op richten dat je vriendelijkheid en liefde brengt naar moeilijke plekken in je lichaam. Zijn er heel moeilijke plekken in je lichaam, pendel dan tussen prettige of meer neutrale en onprettige gebieden in je lichaam. Je zult ontdekken dat naarmate de kracht en warmte van je aandacht groeit, je zelfhelend vermogen ook groeit.

 In vele opzichten is meditatie te vergelijken met sporttraining. Ook daar gaat het om motivatie, frequentie van training en om de combinatie van aan de ene kant kracht en de discipline en vriendelijkheid en zelfrespect aan de andere kant. Een sporter zoekt ook net als een meditator de moeilijkheden op en weet ze op een goede manier te doseren. Conditie en spieren kunnen alleen maar sterker en soepeler worden door belasting. Belasting en uitdaging zijn een noodzakelijke voorwaarde voor groei. Zonder intelligentie en realiteitszin daarbij gaat het echter mis. Belasting is nodig, maar evenzeer wijsheid in de dosering er van, zeker op de langere termijn.

Zowel bij sport en meditatie kan een goede coach daarbij behulpzaam zijn. Een goede kan je helpen bij je zelfcoaching en om dus een goede coach te zijn voor jezelf.

 Net als bij sport lijkt het zo te zijn dat sommige mensen meditatie gemakkelijker lijkt af te gaan dan anderen. Uiteindelijk bepaalt net als bij sport het leven zelf en vooral niet te vergeten je persoonlijke ambities hoe zwaar de “meditatiesport” is. Bij meditatie gaat het er vooral om je ambities in de eerste plaats te herkennen, deze vervolgens jezelf te gunnen, maar mooi is het om al doende te leren jezelf er niet door te laten bepalen. Sport en meditatie verschillen misschien daarin dat het bij meditatie nooit gaat om de resultaten, maar alleen om de consequente beoefening.

 In die zin ontwikkel je een ander aspect in je houding door meditatie, samenhangend met vriendelijkheid, en dat is nederigheid. Nederigheid kun je als een apart aspect van de houding zien maar ook als een aspect van vriendelijkheid. Nederigheid komt tot uitdrukking in de houding van gelijkmoedigheid naar jezelf. Je bent bereid het hoe dan ook met jezelf te doen, hoe dat “zelf” zich ook manifesteert. Doelstelling is het te doen met dat “zelf”, ook al scoor je er niet mee in de wereld, zelfs niet in de wereld van de meditatie. We proberen eerder authentiek en waarachtig te zijn, wat weer een aspect van kracht is, dan te proberen een succesvolle versie van onszelf te creëren. Dat laten we los. Nederigheid vraagt overgave aan ieder hier en nu dat zich voordoet, binnen je en geleidelijk buiten je. Uiteindelijk blijkt ”binnen” en “buiten” hetzelfde te zijn of, misschien beter, blijkt het ook bij “buiten” om “binnen”te gaan. Ook dat inzicht stemt tot nederigheid.

 Zelfs als de meditatie niet lukt, een meditatiesessie je weinig of niets brengt, kan dit je verder brengen in onvoorwaardelijkheid, in de mogelijkheid dat een sessie je niet per se iets hoeft te brengen. Meditatie is dan een oefening in zicht krijgen op en loslaten van de eisen die we bij voorbaat aan het leven stellen en die ons afhouden van de directe ervaring van het leven. De kunst is geen voorwaarden vooraf te stellen voor we bereid zijn te willen mediteren in de vorm van bepaalde resultaten van een sessie. Als die voorwaarden er blijken te zijn, proberen we die los te laten. Daarmee ontwikkelen we een constructieve houding naar onszelf en het leven.

 Iedere keer dat je besluit te gaan mediteren, kies je voor de goede zaak en versterk je je geestkracht en je motivatie. Iedere keer dat je besluit te gaan mediteren, sluit je jezelf op met jezelf en ben je bereid het met jezelf te doen, precies zoals je jezelf aantreft en zelfs zonder dat het allemaal moet lukken. Het hoeft niet anders dan dat het is. Zelfs de wens dat het anders is, hoeft niet anders.

Je streeft er naar om niet op de vlucht te gaan voor wat je in jezelf aantreft. Je laat je nooit door jezelf intimideren.

Iedere keer dat je tijdens de meditatie afgeleid bent, vraagt dat er om, je meditatiebesluit opnieuw te nemen. Iedere keer versterk je daarmee je geestkracht, train je je vermogen te doen wat je écht wilt en je vermogen om tot een waarachtig leven te komen.

Bij meditatie gaat het er dus niet als eerste om niet afgeleid te zijn. Afleiding zien we als behulpzaam om geestkracht te kunnen beoefenen.

Geestkracht heeft veel van doen met het serieus nemen van wat jij belangrijk vindt en daarvoor gaan. De mate waarin je jezelf serieus neemt in je diepere waarden heeft een directe invloed op hoe jij in je leven serieus wordt genomen door anderen en versterkt je mogelijkheid anderen op een positieve manier te beïnvloeden. Met mensen die gemakkelijk met zichzelf sollen, zullen anderen ook gemakkelijker sollen. De ene persoon nodigt daar gemakkelijker toe uit dan de ander.

In die zin is een meditatiediscipline volledig een zaak tussen jou en jezelf. Je bent zelf de enige tegenover wie je verantwoording hebt af te leggen.

Wat helpt uiteraard is een groep die dezelfde toewijding deelt. Daarom is mediteren in een groep voor de meeste mensen gemakkelijker dan alleen en regelmatig mediteren in een groep helpt om ook je individuele discipline gaande te houden en te versterken.

 Er is nog een ander aspect van de houding, dat erg belangrijk is en direct samenhangt met de vriendelijkheid en dat is openheid. Meditatie is de beoefening van een open houding tegenover jezelf en van daaruit naar anderen. Een open houding naar iets of iemand wil zeggen dat we proberen zonder oordeel te zijn over wat we waarnemen of ervaren. Als er een oordeel opkomt, proberen we zelfs dat vriendelijk te ontvangen in onze open ontvangstruimte. We leven het niet uit en we vechten er evenmin mee. We nemen het slechts waar bij onszelf en anderen. Dat is het streven. Meer dan herkennen en erkennen is niet nodig om op het gebied van de geestelijke verandering te bewerkstelligen. Dit in tegenstelling tot materiële verandering.

 Openheid wil niet per se zeggen zonder voorkeur willen zijn. Het gaat er om je voorkeur en afkeuring in de eerste plaats herkennen en zoveel mogelijk intact laten. Het gaat om afzien van manipulatie van wat er is. De grootste kunst is om er niks mee te doen en de tendens om dat wel te doen alleen te observeren en te doorvoelen.

Meditatie kun je in die zin zien als de beoefening van het niet doen en vooral van het niet meer manipuleren van jezelf. Je geeft alles in jou, gedachten, emoties, lichaamssensaties de kans om te bestaan en je bent bereid met alles in jezelf een open relatie aan te gaan en respectvol tegemoet te treden.

Niet doen vraagt inzet en kracht ofwel niks doen kan op een bepaalde manier voorlopig hard werken zijn.

 Openheid heeft ook te maken met ongewapendheid. We willen leren door meditatie open, voelend aanwezig te zijn. We willen ons werkelijk open stellen voor alles wat zich voordoet tijdens de meditatie en van daaruit buiten de meditatie. We willen empathisch zijn naar onszelf.

Daardoor is het streven in de meditatie je open te stellen voor je lichaamssensaties erg behulpzaam. Dat bevordert een eerder voelende dan handelende aanwezigheid. Meditatiebeoefening is in die zin meer dan een bewustzijnstraining. Het is vooral ook een training in bewust voelen, bewust ervaren, wat meer is dan alleen observeren en vast stellen. Het is meer dan een cognitieve aangelegenheid. Het gaat om meer dan weten.

 Het is behulpzaam om je regelmatig af te vragen hoe het bij jou is met de balans tussen de kwaliteit kracht en de kwaliteit vriendelijkheid. Aan de hand daarvan kun je jezelf misschien een beetje bijsturen. Die vraag kun je je stellen over de meditatie sec, maar ook over de postmeditatie, je gewone, dagelijkse leven en bij de contacten met anderen.

In het Boeddhisme wordt vaak aangehaald hoe het een kunst is om als violist of gitarist goed met je snaren om te gaan. Het gaat er om de snaren niet te strak, maar ook niet te slap te spannen. Het juiste midden tussen kracht en vriendelijkheid geeft het mooiste resultaat.

Het beoefenen van het juiste midden in kracht en vriendelijkheid of de integratie van die twee aspecten door meditatie is zeer behulpzaam bij de ontwikkeling van de juiste houding als leidinggevende naar medewerkers, als leraar naar studenten of leerlingen, als ouder naar kinderen enzovoort. De kwaliteit van leiding geven aan anderen of van ouderschap is direct afhankelijk van het vermogen leiding te geven aan jezelf.

 Meditatie en de drie aspecten van aandachttraining

 We hebben hierboven gesproken over een belangrijke doelstelling bij meditatie en dat is de ontwikkeling van een constructieve houding naar onszelf, een houding die getuigt van kracht en vriendelijkheid waarmee we onszelf tot bloei brengen. Nu gaan we verder met een volgende doelstelling van meditatie en dat is versterking van de aandacht.

Misschien is onze aandacht wel het belangrijkste, natuurlijke instrument waarover wij als mensen beschikken. Zeker van uit een spiritueel perspectief. De kwaliteit van onze aandacht hangt direct samen met de kwaliteit van onze houding en is er voor een deel er afhankelijk van. Een positieve houding tegenover iets, bijvoorbeeld tegenover onszelf, maakt het gemakkelijker om er aandacht voor te hebben.

 Aandacht is de geïntegreerde capaciteit van het hart en van de geest. Aandacht heeft daarmee drie belangrijke aspecten.

 In de eerste plaats heeft aandacht een aspect van vriendelijkheid en warmte. Dat is wat we voelen als iemand van uit een positieve houding echt aandacht voor ons heeft, echt in ons als persoon geïnteresseerd is. Dat is hartverwarmend. Het hangt samen met het empathisch vermogen van iemand ofwel het vermogen zich in te leven in een ander. Wie zich kan inleven, kan invoelen, kan mede lijden en kan compassievol aanwezig zijn bij verdriet of moeilijkheden van zichzelf en anderen. Deze kan evenzeer medevreugde ervaren.

Bij meditatie gaat het om de beoefening van het met warme en liefdevolle aandacht aanwezig zijn bij in de eerste plaats jezelf. Op basis hiervan kun je je tijdens de meditatie je ook richten op anderen die een rol spelen in je leven door deze in gedachten te nemen. Kijk of je bij alles wat een persoon bij je oproept rustig en vriendelijk aanwezig kunt zijn. Op die manier word je je er van bewust hoe iemand je raakt en lever je een bijdrage aan de kwaliteit van de relatie met de mensen om je heen.

In het Tibetaans Boeddhisme kent men een mooie meditatiebeoefening die men “tonglen” noemt. Bij de beoefening van tonglen richt je er expliciet op om het lijden van anderen in jouw ruimte te ervaren en om daarmee op het verlangen het lijden van anderen te verlichten.

 Om echt vriendelijk voor jezelf of een ander te kunnen zijn, is ook het tweede aspect van de aandacht in dezelfde mate belangrijk en dat is kracht. Naast vriendelijkheid heeft de aandacht net als de houding een aspect van kracht dat te trainen is.

Het gaat bij de aandacht om het vermogen de aandacht te richten of om de aandacht te focussen. Als iemand echt aandacht voor je heeft, heb je in dit verband het gevoel dat deze er helemaal voor jou is. In dat geval is de persoon in staat zich helemaal op jou te richten, alle andere zaken te vergeten en er helemaal voor jou te zijn. Als dat wederzijds is, kan er iets moois ontstaan.

 Ook ons concentratievermogen hangt af van het krachtaspect van de aandacht. Concentratievermogen gaat over het vermogen langere tijd je aandacht ergens op te richten en je geest op een soepele manier te gebruiken. Soepelheid van geest hangt samen met het ontbreken van rigiditeit, waarmee duidelijk wordt dat kracht iets anders is dan verharding.

 Direct met het krachtaspect hangt het derde aspect van de aandacht samen en dat is de helderheid van de aandacht. Waar we onze aandacht op richten daarover komen we iets aan de weet. Daar krijgen we inzicht in en wel in een mate die afhangt van de mate van helderheid van onze geest. Vooral het openheidaspect van de houding waar van uit aandacht gegeven wordt, is daarbij een belangrijke factor. De openheid bepaalt of we tot een soort van objectiviteit of zuiverheid van inzicht komen en of onze helderheid niet verduisterd wordt.

 Meditatie helpt om in alle drie de aspecten van aandacht, vriendelijkheid, kracht en helderheid verder te ontwikkelen. Doordat je in de meditatie vooral zelf het object van aandacht bent, kun je ook zelf als eerste de kwaliteit van die aspecten en je ontwikkeling daarin ervaren en jezelf in deze proberen bij te sturen.

 Inzicht in de mogelijkheden en aspecten van groei zijn daarbij belangrijk voor onze motivatie. Blijft dat het belangrijk is om op de korte termijn resultaatonafhankelijk te zijn, maar op de lange termijn mogen we best resultaten verwachten. Dat helpt ons om steeds maar weer te willen oefenen.

 

 Aandachttraining met behulp van een focus

 Aandachttraining en vooral het ontwikkelen van het krachtsaspect van de aandacht vraagt dat we werken met een punt waar we de aandacht op richten tijdens de meditatie: een focus. We kiezen bij meditatie dus een focus waar we de aandacht op richten en proberen daar de aandacht zoveel mogelijk bij te houden, ook al zal dat niet lukken. Juist omdat dat niet lukt en kracht vraagt om desondanks steeds terug te keren naar de focus, kunnen we onze geestkracht en daarmee de stabiliteit van onze aandacht trainen en versterken. Als het simpel zou zijn om de aandacht bij een focus te houden zouden we de aandacht niet kunnen en misschien ook niet hoeven trainen. Meditatie wordt daardoor juist de beoefening van het eindeloos steeds weer terugkeren naar de gekozen focus. We doen dat zo lang we afgeleid zijn.

 We kiezen bij voorkeur een focus die zo ver mogelijk af staat van onze dagelijkse besognes en deze daardoor een beetje doet vergeten en loslaten. Heel gebruikelijk is daarvoor de uitademing te kiezen.

In eerste instantie kan het zijn dat we door aandacht te richten op de ademhaling, de ademhaling niet vrij kunnen laten gaan. Al doende, wanneer we langere tijd na elkaar en frequenter mediteren, zullen we geleidelijk de adem vrij kunnen laten. Op de langere termijn kan het gebeuren dat we met de adem samenvallen en valt misschien het onderscheid tussen degene die de ademhaling waarneemt, degene die ademhaalt en de adem zelf weg. Dan is er ook geen inspanning meer nodig om de aandacht te richten en kunnen we de aandacht vrij laten.

 Mits we met de juiste intentie om ons te richten op de focus van aandacht begonnen zijn met onze meditatie, zullen we dus op een gegeven moment merken dat we afgeleid en in gedachten zijn, wat op zich eigenlijk al bijzonder is. Als we immers niet doelbewust gaan mediteren, zullen we dat helemaal niet merken.

Het moment van krachttraining begint bij het besluit om, wanneer je merkt dat je afgeleid bent, terug te keren naar de ademhaling en om de gedachte, waarin je verzonken bent, los te laten. Dat vraagt inzet en toewijding. Dat maakt meditatie tot het ideale instrument om geestkracht of innerlijke kracht te ontwikkelen en biedt daarmee de mogelijkheid om de zijnsspier te trainen. Dat vraagt ook goed begrip van het belang van meditatie en de betekenis die meditatie voor jou persoonlijk kan hebben. Dat inzicht versterkt je motivatie en commitment, dat nodig is om aan een meditatiesessie te beginnen, maar ook om steeds weer gedachten los te laten en terug te keren naar je focus.

 In het Boeddhisme wordt in dat verband vaak over meditatie gesproken als het temmen van de geest. Het temmen van de geest is als het temmen van een wild dier. In eerste instantie zal het dier protesteren en vaak alleen maar wilder worden als je het wilt beteugelen. De kunst is je daardoor niet te laten intimideren en ontmoedigen. Geleidelijk aan zal de geest kalmeren en net als een getemd dier in een andere meer benaderbare of werkbare staat komen. In die zin is meditatie het meester worden over je geest.

Belangrijk is dat geest als een wild dier gekalmeerd wordt met behoud van zijn kracht en zijn helderheid. Dat laatste bereik je door niet hard en onderdrukkend te zijn naar je wilde geest, maar door begrip te hebben voor zijn passie. Consequent, geduldig en met veel respect ga je door en geleidelijk komt de geest tot rust en onder het bewind te staan van zijn eigen wijsheid als aspect van zichzelf. Dan is de geest getransformeerd.

 Bij meditatie zijn we dus met het grootste deel van onze aandacht aanwezig bij onszelf zonder de aandacht voor de buitenwereld helemaal te verliezen. Bij jezelf zijn betekent in de meditatie, naast dat je je op je ademhaling richt, vooral ook bewust je lichaam ervaren. Ook je lichaamssensaties, prettige of onprettige gevoelens, zijn naast je ademhaling prima bruikbaar als focus voor je aandacht. Al doende ga je merken dat door bijvoorbeeld je open te stellen voor plaatsen waar je spanning voelt in je lichaam deze spanning zich oplost. Daarmee ervaar je een van de vormen van de bijzondere kracht van meditatie.

 Van oudsher werd in het Oosten ook vaak op een kaarsvlam gemediteerd. In het Westen is dat ongebruikelijk.

Verder wordt er in het Oosten en het Westen gemediteerd op Boeddhabeelden of op afbeeldingen van personen die op een of andere manier inspireren. In Boeddhistische kringen is dat vaak een foto van een leraar of van bijvoorbeeld de Dalai Lama. Daar richten mensen ook vaak een soort altaartje in met voor hen mooie en inspirerende spullen.

Verder wordt er gemediteerd op mantra’s. Die zijn er in het Oosten in heel veel soorten. In het Hindoeïsme krijg je vaak een voor jou speciale mantra van je leraar waar je op mediteert en die je gebruikt als focus voor je aandacht.

 Hier dichtbij ligt iets wat contemplatie wordt genoemd. Dan gaat het bijvoorbeeld om een bijbeltekst  in de Christelijke traditie of een tekst van de Boeddha in het Boeddhisme. Bij contemplatie focus je op een tekst om de wijsheid daarvan geleidelijk tot je te laten doordringen.

Hier dicht bij ligt ook het gebruik van koans als focus in de Rinzaischool van het Zen Boeddhisme zoals de bekende koan: “Hoe klinkt het geluid van het klappen met één hand”. Koans kun je met je gebruikelijke rationele geest niet oplossen en daarom worden ze bruikbaar geacht om deze te doorbreken.

 Tenslotte kun je ook mediteren op die plaatsen in je lichaam waar je aandacht spontaan naar toe gaat of die om een of andere reden je aandacht vragen. Vaak zijn dat plaatsen in je lichaam waar emotie, spanning of pijn is. Mooi is als het lukt om rustig langere tijd met je aandacht bij één en dezelfde plek aanwezig te blijven. Al doende ga je merken dat je op die manier soms spanning of pijn kunt doen oplossen. Als er veel emotie is in welke vorm dan ook is het sowieso heel goed om bij de lichamelijke signalen van die emotie te blijven. Als de sensaties heel heftig zijn, kun je pendelen met je aandacht tussen zo’n heftige plek en een meer rustige, neutrale plek in je lichaam. Je kunt ook weer ademen naar zo’n plek.

 

Meditatie en loslaten

 Zoals aangegeven is de meest geïnstrueerde focus voor meditatie de ademhaling. Soms de hele ademhaling, vaak wordt alleen de uitademing als focus gebruikt voor de aandacht. Een voordeel van de ademhaling als focus is dat de aandacht op je ademhaling je weinig direct voordeel oplevert en aangezien meditatie gaat over loslaten is in dit kader ademhaling een effectieve focus.

 Meestal zijn we in ons dagelijks leven op een of andere manier bezig met gewin. Ons handelen in het dagelijks leven is bewust of onbewust gericht op voordeel. Dat is niet fout, maar wel belangrijk om als feit vast te stellen. Belangrijk is dat we daar geleidelijk verandering in aan kunnen brengen met behulp van meditatie waardoor we door training meer vrijheid krijgen in waar we de aandacht op richten.

 Bij meditatie richten we ons op het gewin van het geen gewin meer hoeven hebben ofwel we richten ons op bevrijding. We willen vrij worden van onze automatismen en gewoontepatronen.

Waar meditatie helpt met loslaten, helpt het met de bevrijding van onze wil. De wil is het vermogen je aandacht en je handelen te richten op dat wat echt goed is voor je. De wil verwijst naar het vermogen tot zelfleiderschap wat op zijn beurt een voorwaarde is voor leiding geven aan anderen. Bevrijding van de wil betekent vrij zijn van de innerlijke programma’s die ons handelen en vooral ons denken bepalen en normaalgesproken onze eigen innerlijke autoriteit annexeren.

Of uiteindelijk een compleet vrij wil te behalen valt, is daarbij niet belangrijk. Belangrijk is bezig te zijn met bevrijding en dat is waar een focusgerichte meditatie ons toe in staat stelt. Daarmee versterken we onze innerlijke kracht ofwel ons vermogen om leiding te geven aan onszelf.

 Met de uitademing is van nature en noodzakelijkerwijs enige vorm van loslaten verbonden en op die manier helpt het je richten op de uitademing op een natuurlijke manier om los te laten. Uitademen kun je zien als een natuurlijke vorm van overgave. Hoe meer we loslaten, hoe ruimer en vrijer de ademhaling wordt.

 Als ondersteuning voor de focussing op de ademhaling wordt wel gebruik gemaakt van het tellen van de uitademing. Dat maakt het iets gemakkelijker de aandacht er bij te houden. In principe tel je je uitademingen van 1 tot 10 en daarna begin je weer opnieuw bij 1. Stel dat je merkt dat je ongemerkt door hebt geteld tot 17, begin je gewoon weer bij 1 zonder jezelf op de kop te geven.

 De uitademingfocus is heel goed te combineren met de hara als focus. De hara is een punt midden tussen je navel en schaambeen en wordt ook in de Oosterse vechtsport vaak als focus gekozen. En dat niet alleen bij de meditatie maar bij hen en misschien geleidelijk bij ons voor 24 uur per dag. Je handelt en leeft als een krijger van uit je hara. Je kunt de hara als aparte focus kiezen, maar je kunt ook in dat punt de uitademing waarnemen en dan heb je de twee mogelijkheden als focus gecombineerd.

 Mits we met de juiste intentie begonnen zijn met onze meditatie, zullen we op een gegeven moment merken dat we afgeleid van onze focus en in gedachten zijn, wat op zich eigenlijk al bijzonder is. Als we immers niet doelbewust gaan mediteren, zullen we dat helemaal niet merken.

Gedachten hebben altijd betrekking op iets waar we belang bij hebben en waar we aan gehecht zijn, óf om het te hebben en binnen te slepen óf om het juist weg te werken of te vermijden. Daarmee betekent het loslaten van gedachten en het terugkeren naar de focus tevens het loslaten van dat waar we normaal gesproken aan gehecht zijn.

 Gedachten hebben een soort kleefkracht zul je vooral tijdens de meditatie gaan merken. De ene gedachte roept als vanzelf de andere op. Normaalgesproken vragen gedachten geen toestemming om zich te vertonen en in die zin hebben ze macht over ons.

Meditatie kun je zien als hulpmiddel om heel geleidelijk een vrijere relatie met wat er in jezelf en in de wereld is te ontwikkelen. Gehechtheid betekent steeds een soort van reflexmatigheid en daardoor verminderde keuzevrijheid. Onthechting brengt vrijheid en meer keuzemogelijkheid. Daarom is het loslaten van gedachten belangrijk.

 Er is een directe relatie tussen ons denken en ons spreken. Zoals de ene gedachte de andere oproept zo roept in gesprekken met anderen ook vaak de ene zin de andere op. Soms zitten we gevangen in onszelf en kunnen ons niet goed afstemmen op de situatie. Het licht van de wijsheid blijft dan achter de gedachten en de woorden verborgen en kan er niet door heen schijnen.

We denken ook heel veel in scenario’s. Denken kun je daarom ook zien als een soort semi-handelen wat vaak een heel reflexmatige aangelegenheid is. In gedachten zijn we vaak bijvoorbeeld op allerlei manieren ons aan het prepareren en dat zonder dat we daar nu echt voor kiezen. Meditatie in de vorm van loslaten van gedachten en het je richten op je focus is bedoeld om geleidelijk van dat reflexmatige los te leren komen en om meer vrijheid en rust te kunnen ervaren.

 

Meditatie en emoties

 Naast gedachten kunnen ook emoties een belangrijke rol spelen in de meditatie. Meditatie biedt de mogelijkheid emoties te verzachten.

Doen zich tijdens de meditatie moeilijke emoties voor zoals angst, verdriet of boosheid, richt je aandacht dan op dat deel van je lichaam dat via lichaamssignalen de emotie kenbaar maakt. Kijk of je met je aandacht bij dat deel van je lichaam kunt blijven. Geleidelijk zal dan de emotie oplossen.

 Daarvoor is dan wel nodig dat je in staat bent je niet door je gedachten en door het verhaal bij de emoties, mee te laten slepen. Emoties roepen heel graag gedachten over handelingen op in de vorm van vluchten, vechten of verkrijgen op. Meditatie is er op gericht om juist die gedachten los te laten en in een voelende open modus te blijven.

 Door meditatie leer je jezelf beter kennen. Je weet beter wat er in je omgaat en hoe gebeurtenissen of mensen je raken. Je gaat een rode draad zien in je emotionele bestaan met thema’s uit heden en verleden die je bezig houden en waarin in de loop der tijd een natuurlijke ontwikkeling en ontvouwing ziet plaatsvinden. Je gaat zien dat je leven een pad is met ups en downs, maar dat er kennelijk iets is in jezelf dat dat kan zien en daar los van is. Hoe meer losheid er ontstaat, hoe minder je door ups en downs bepaald wordt.

 Doordat je leert te ontspannen in emoties en geraaktheid, kun je meditatie ook zien als een vorm van dagelijkse geestelijke hygiëne zoals je ook onder de douche gaat en tanden poetst. Door dagelijkse meditatie kun je je stressniveau in de gaten houden, bewaken en op een positieve manier beïnvloeden. Doordat je weet hoe gebeurtenissen je beïnvloeden en doordat je er tegelijkertijd meer mee op je gemak bent, kun je beter invloed uitoefenen op je omgeving. Daardoor creëer je als vanzelf een omgeving die op een positievere manier afgestemd is op jou en daarmee een omgeving die jou goed doet.

 Emoties zijn in beginsel bedoeld om je in beweging te brengen en daar zijn ze ook vaak heel goed in. Denk maar aan boosheid of angst, die leiden tot vechten of vluchten. Bij iedere emotie hoort zo zijn eigen actietendens.

Probleem bij emoties is echter dat de bij de emotie horende actie lang niet altijd reëel en effectief is. Daarom hebben emoties een slechte naam, wat dan vaak weer leidt tot een andere niet zo’n goeie manier van met emoties omgaan en dat is ze onderdrukken.

 Er is een derde mogelijkheid en dat is emoties gewoon in tact laten. Ze niet onderdrukken en niet uitleven. De kunst is niks te doen en aanwezig te blijven bij emoties, niet mee te gaan met hun actietendens om de oorzaak van de emotie te veranderen.

Aanwezig zijn bij emoties gaat het best door vooral hun fysieke manifestatie te voelen in je lichaam. Dat maakt de kans groot dat ze transformeren.

Boosheid kan transformeren naar kracht, angst naar helderheid en vertrouwen, jaloezie naar liefde enz. Op deze manier transformeren door meditatie emoties in zijnskwaliteiten.

 Hieronder zullen we enkele voorbeelden geven van moeilijke emoties die zich vaak voordoen tijdens (langdurige) meditatie en ons zorgen kunnen baren. We hanteren een heel brede definitie van emotie en beschouwen een emotie als ieder gevoel dat je tot een actie wil stimuleren om de oorzaak van de emotie weg te werken. We zullen zien dat juist door in eerste instantie niks te doen de emotie kan transformeren en eventueel kan leiden tot in tweede instantie effectieve vorm van handelen.

 Saaiheid en verveling zijn, net als daarmee te vergelijken vormen van slaperigheid of moeheid, in onze definitie een emotie, aangezien zij normaalgesproken ons tot actie brengen om deze gevoelens weg te werken. Het zijn gevoelens die we heel gemakkelijk tegen komen in de meditatie, zeker als we dat wat langer aan een stuk doen.

Saaiheid betekent dat er minder vermaak, minder prikkeling is dan gebruikelijk en dat er en soort afkickproces gestart is van die prikkling. De actietendens is vermaak of prikkeling zoeken, dat natuurlijk niet altijd per se fout is. Wanneer het echter af en toe lukt bij de saaiheid te blijven, bijvoorbeeld tijdens de meditatie of bij bijvoorbeeld een minder interessant concert, kan het gebeuren dat we ontdekken dat er een veel fundamenteler vermaak of genieten bestaat dat niet zo afhankelijk is van bepaalde prikkels of van een bepaalde intensiteit van prikkels. Verdragen van verveling en leegte is wonderlijk genoeg de poort naar diepere vormen van genieten en volheid.

Het zal duidelijk zijn dat de bij saaiheid en verveling behorende actietendens doorstaan vrij veel geestkracht en focus vraagt. De geest is buitengewoon creatief in het vinden van vermaak.

 Wat we ook een emotie noemen is onrust of gejaagdheid, die we ook heel gemakkelijk tegen komen bij meditatie. Onrust en gejaagdheid zou je een noodzakelijk voorstadium voor rust kunnen noemen. Onrust en gejaagdheid horen per definitie bij de actiegerichtheid van emoties en zijn vaak een bedekking van bijvoorbeeld diepere emotionele lagen zoals angst of boosheid. Wil je rust ervaren zul je het moeten zien uit te houden met de onrust en vooral weer in contact dienen te blijven met de fysieke manifestatie daarvan. Rust is bijna standaard de eerste zijnskwaliteit die ontstaat na enige tijd van meditatie en daarmee loslaten. Soms moeten we daarbij eerst door een fase van fikse onrust heen.

 Emoties die ook vaak voorkomen in meditatie zijn gevoelens van gemis, frustratie of leegte. Gevoelens van gemis horen bij loslaten en zijn een onmiskenbaar teken daarvan. Natuurlijk zijn dat lastige gevoelens omdat ze de actie om dat gemis op te vullen versterken, ook als dat wat je mist niet meer te krijgen is. Iemand heeft je verlaten, is overleden of het gaat om iets dat je kwijt bent. Van die realiteit trekt ons emotionele systeem zich niet zoveel aan. Het is er op gericht wat je mist te behouden door bijvoorbeeld herinneringen er aan te laten komen.

Vooral als het je lukt door gevoelens van gemis, leegte of frustratie niet te laten afschrikken en je in staat bent er met je aandacht bij te blijven en misschien het verlangen er achter te voelen ontstaan er vaak kwaliteiten als  ruimte en openheid. Ruimte en openheid zijn net als rust en natuurlijk plezier zijnskwaliteiten en alle emoties transformeren, mits goed behandeld, vroeg of lat naar zijnskwaliteiten. Als het gaat om gemis van een persoon of om eenzaamheid en je kunt daar bij blijven zal er geleidelijk liefde of verbinding ontstaan die dan niet meer zo afhankelijk zijn van bepaalde condities.

 Alle gevoelens van moedeloosheid, hopeloosheid, machteloosheid, zinloosheid, waardeloosheid zijn tekens dat we aan het loslaten zijn. Dat wat ons bemoedigde, hoop, macht, zin of betekenis gaf, blijkt niet zo betrouwbaar als we dachten en we hebben ons als afhankelijk er van gedefinieerd. Dat brengt de moeilijkheid dat deze gevoelens ons verontrusten en aan kunnen zetten tot nog steviger grijpen en vasthouden, omdat we denken niet zonder te kunnen. Als we kunnen loslaten, blijken we veel minder afhankelijk te zijn dan we denken. Dat maakt ons vrij. Als we ons kunnen ontspannen in deze gevoelens, wat hetzelfde is als het loslaten van de actietendens, zal ons dat heel veel vrijheid en fundamentele autonomie geven.

 

Emoties, gedachten en de ontwikkeling van motivatie

 Nu we gesproken hebben over emoties en over de manier hoe je daar mee om kunt gaan keren we nog een keer terug naar gedachten en de manier hoe je daar mee om gaat.

Er is namelijk een belangrijke samenhang tussen emoties en gedachten. In beginsel kun je er van uit gaan dat als je geest druk is met gedachten er eigenlijk op een dieper niveau sprake is van een emotie. Hoe heftiger de gedachten, hoe heftiger de emotie die er achter schuil gaat en als de oorzaak gezien moet worden van de gedachten.

 Denken kun je zien als een vorm van handelen of als een voorloper op handelen. Emotie is de aanzetter tot handelen en wel, in tegenstelling tot motivatie, die ons ook tot handelen brengt, op een min of meer dwingende manier. Zijn er veel gedachten dan worden die als het ware dwingend geproduceerd door een emotie en dat is goed om te weten.

 Zijn er veel gedachten, probeer dan de emotie te achterhalen die er achter schuil gaat. Stel bijvoorbeeld dat je geest van alles bedenkt wat je kan overkomen en daarvoor oplossingen gaat proberen te bedenken, stel dan bijvoorbeeld vast dat je angstig bent en probeer die angst te voelen door de bijbehorende lichaamssensaties te voelen. Het helpt om in jezelf zo rustig mogelijk te zeggen: “Ik ben nu heel erg bang.” Eventueel zeg je er heel rustig bij waarvoor je bang bent. Niet meer en niet minder.

Zoals we allemaal weten is boosheid ook een goede reden voor de geest om flink te gaan denken. Allerlei revanche– of verlatingsscenario’s gaan door ons heen. Doe dan het zelfde als bij angst, stel vast dat je heel erg boos bent en voel de manier waarop het lichaam je vertelt dat je boos bent. Probeer gedachten los te laten en keer steeds terug naar je focus.

 Emoties hebben een enorme trekkracht of kunnen dat hebben. Ze ontwikkelen een hele ideologie rond zich heen en willen heel graag gelijk hebben. Je niet laten bepalen door emoties, is een belangrijke doelstelling van meditatie. Het vraagt heel veel motivatie om je niet door je emoties te laten bepalen, maar het geeft je uiteindelijk ook heel veel vrijheid.

Wat helpt en nodig is, wil je een meditatiepraktijk van de grond krijgen, is je motivatie voor meditatie helder te formuleren voor jezelf. Hopelijk kan dit artikel je daarbij helpen.

Het begint natuurlijk met de bereidheid jezelf de vraag te stellen of zo’n meditatiepraktijk, zo’n gewoonte om dagelijks te mediteren, goed voor je zou zijn.  Als het antwoord “ja” is, helpt het enorm om het “waarom” daarvan, je motivatie helder vast te stellen. Dat helpt om het vol te houden.

 Onderzoek ook je mogelijkheden om tevens in een groep te mediteren, mogelijkheden er over te lezen, de mogelijkheid begeleid te worden door een leraar maakt de kans dat we het vol kunnen houden aanzienlijk groter.

 

Transparantie voor het Zijn

 Meditatie betekent ook dat je intiemer wordt met jezelf. Al doende leer je ook de meer geheime en verboden uithoeken van jezelf kennen en om daarmee op je gemak zijn. De mate van intimiteit die je met jezelf kunt hebben is maatgevend voor de mate van intimiteit die je met een ander kunt hebben. Hoe dichter je bij je wezen bent, hoe wezenlijker de ontmoeting met de ander kan zijn.

 Het grote doel van het werk is dat we transparanter worden voor het Zijn. Meditatie draagt er sterk toe bij dat onze zijnskwaliteiten als vanzelf meer zichtbaar worden en beschikbaar komen voor onze omgeving. Wie de dag begint met meditatie gaat anders de dag in. Meer ontspannen en dichter bij zichzelf. Juist de dagelijkse beoefening van meditatie opent geleidelijk ons hart. Het bevordert onze wijsheid en versterkt onze levendigheid en passie. Waarom? Dat is omdat het onze wezenskwaliteiten zijn. Hoe dichter we bij onszelf komen en onszelf durven zijn, hoe meer deze kwaliteiten beschikbaar komen voor onszelf en voor de wereld.

 Zoals met alles, helpt je op een gegeven moment de macht van de gewoonte. De grote uitdaging is om die meditatiegewoonte op gang te brengen. Daarbij helpt het om dagelijks op vaste tijden en gedurende een vaste periode te mediteren. Laat de duur van de meditatie bepalen door wat redelijk haalbaar is. Begin met een relatief korte duur en breidt die al doende uit. Consequent dagelijks mediteren is door de gewoontevorming al snel gemakkelijker dan zo af en toe te mediteren.

 Wat ook helpt en inspirerend is om op gezette tijden samen met anderen te mediteren. Voor de meeste mensen is de support van een groep nodig om de individuele meditatie thuis vol te houden. Je kunt zelf een meditatiegroepje beginnen. Je kunt ook lid worden van een bestaande meditatiegroep. Er worden enorm veel cursussen gegeven en er is natuurlijk ook heel veel over te lezen.

 Buitengewoon behulpzaam is, als je zo af en toe, bijvoorbeeld eens per jaar of half jaar aan een meerdaagse meditatieretraite kunt deelnemen. In een retraite kan het je gebeuren dat je even zonder gedachten bent als resultaat van het steeds weer bewust loslaten van gedachten. Je bent dan uit het verhaal gevallen. Gedachten en emoties hebben dan hun greep op je verloren. Het is dan niet meer nodig om je bij je focus te houden. Je bent dan aangekomen in wat wel genoemd wordt de fase van de non-meditatie. Kenmerk van die fase is dat er een diepe rust en ontspanning over je komt en je in een soort tijdloosheid terecht komt.

Sopgyal Rinpoche omschrijft deze fase als   volgt. “Whatever meditation method you use, drop it,   or simply let it dissolve on its own, when you find that you have arrived   naturally at a state of alert, expansive, and vibrant peace. Then remain   there quietly, undistracted, without necessarily using any particular method.   The method has already achieved its purpose. However, if you do stray or   become distracted, then return to whatever technique is most appropriate to   call you back.”

 

 Belangrijk is deze fase als een geschenk te ervaren en bereid te zijn deze ervaring weer los te laten. De grootste valkuil is om dit doelbewust te gaan proberen te bewerkstelligen. Dat is juist wat averechts werkt. Bij meditatie gaat het om het beoefenen van een open houding of wat je kunt noemen “heilige onverschilligheid”. Je geeft het leven toestemming dat er mag gebeuren wat het leven wil. Jij bent bereid je open te stellen voor alles wat het leven biedt: leuk of niet zo leuk. Als dat lukt ben je vrij.

  Hier kun je het artikel downloaden en kun je het eventueel printen